Volg ons: Instagram.com/CorsoNetwerk

WVTTK: Maart 2014

Elke maand blikken we met een aantal corsoliefhebbers terug op het nieuws. Door middel van vier vragen of stellingen, gebaseerd op nieuws-items op de website, geven vier bouwers, ontwerpers en vrijwilligers hun mening.

Maart was een maand vol ontwerp onthullingen en voor veel groepen is het ook een start van de bouwperiode. Dit zijn de WVTTK vrijwilligers voor de maand Maart:
Dirk Govaerts (Belske), wagenbouwer Laarheide (Zundert)
Patrick Kats, ontwerper (St. Jansklooster)
Ivo Klein Holkenberg, wagenbouwer Hooiland (Lichtenvoorde)
Robin Wijnen, wagenbouwer Hazestraat (Valkenswaard)

#1:

“Veel groepen presenteren enkel een titel en proberen zoveel mogelijk geheim te houden. Hoe sta jij hier tegenover?”

Ondanks dat het in veel plaatsen het geval is, ziet geen van vieren hier het voordeel van.

Volgens Patrick zijn er in Sint-Jansklooster maar een paar groepen die het ontwerp online zetten: “De rest zien we pas met de presentatie avond.” Van oudsher is dit ook een traditie in Lichtenvoorde vertelt Ivo. “Ik ben groot voorstander om alles openbaar te maken. Het kopiëren van ideeën gebeurt in deze tijd niet meer.” Dirk heeft met het presenteren van alleen een titel geen enkel probleem. “Of de titel altijd duidelijk maakt wat er wordt bedoeld is een andere zaak” Robin ziet het nut van geheimhouden niet en vraagt zich af wat je tegenwoordig daadwerkelijk nog geheim kunt houden.

Ivo ziet ook dat de huidige communicatiemiddelen hier ook een rol in spelen: “Het geheimhouden is, in deze tijd van sociale media en snelle communicatie, ook stukken moeilijker.”

Volgens Ivo heeft het vroeg openbaren van het ontwerp ook voordelen: “Het geheim houden brengt tevens met zich meer dat meerdere groep met het zelfde idee op de proppen komen, zie het voorval in Zundert (‘Koekoek’ en ‘Doorgedraaid’).” Dit mechanisme komt Robin ook bekend voor: “Kom je als eerste met een ontwerp, dan zal het voor een ander buurtschap ook moeilijker worden om met een vergelijkbaar ontwerp te komen.”
CN2014wernhout3
Robin is voorstander om als het ontwerp bekend is dit ook aan de buitenwereld te presenteren. “Iets waar je trots op mag zijn en wat dus ook gezien mag worden.” Patrick vindt ook dat je geen geheimen voor elkaar moet hebben. “Zoals het in Zundert gaat vind ik mooi om te zien. Daar wordt ook verteld wat er gaat gebeuren op de wagen of met de wagen.” En volgens Ivo valt er nog genoeg te zien met het corso. “De jus welke over een corsowagen wordt gegoten komt tijdens het corso wel tot uitdrukking (beweging, figuratie, muziek enz.)”

“Laten we vooral niet het Carnaval achterna gaan door je wagen/ontwerp krampachtig voor je te houden totdat het Carnavalsweekend daar is” sluit Robin af.

#2:

Helpt Elkander bouwt in 2014 “Droogstekken”:
“Helpt Elkander bouwt dit jaar een heel abstract ontwerp. Hou je van deze ontwerpen en vind je dat dergelijke ontwerpen in een corso passen?”

Ivo ziet dergelijke ontwerpen er graag tussen. “Dit zorgt voor de afwisseling binnen corso, ik denk dat elk corso dit nodig heeft. De variatie binnen het corso bepaalt mijn inziens de sterkte van het corso, een corso met alleen 15 dierenwagens of 15 abstracte wagens is geen corso.” Ook Dirk gaat voor een zo divers mogelijke optocht: “Als we enkel alleen maar beestjes zouden maken is de aaibaarheidsfactor wel groter maar de charme van het Zundertse corso is dan wel weg.”

“Het heeft eigenlijk puur met smaak te maken. De een vindt het mooi en de ander vindt het niks. Ik vind persoonlijk zulke ontwerpen eigenlijk niks” aldus Patrick. Volgens Robin kan een abstract ontwerp zeker wel mooi zijn, maar dit ontwerp spreekt hem niet aan: “Bij een ontwerp vind ik het belangrijk dat het interessant en leuk is voor het publiek. Heel platgeslagen zie je bij dit ontwerp een potlood met wasknijpers.”
helptelkander_2014
Patrick houdt daarentegen wel van ontwerpen waarbij je direct ziet wat het is. Robin ziet ook het pluspunt dat het herkenbaar is: “Maar het roept tegelijk ook vraagtekens op. Wat wil je met dit ontwerp laten zien?” Het lijkt Robin ook geen leuk ontwerp om te bouwen en verwacht ook niet dat het hoge ogen gaat gooien. “Al kan daar de vakjury heel anders over denken.”

“Het ontwerp van HE is een typisch Dre Jacobs ontwerp” aldus Ivo en hij denkt ook dat het interessant wordt hoe de jury het gaat beoordelen. “Zulke wagens worden niet gebouwd voor het publiek maar voor de jury.” Dirk denkt ook dat het de discussie hoe de jury geoordeeld heeft aanwakkert: “Immers, hoe kan je een Picasso op basis van feiten vergelijken met een stel muizen?, Het oordeel van de jury wordt dan veel groter”

#3:

Oude Verbonden en Nieuwe Verbindingen:
“Ontwerpers komen steeds vaker uit andere corsoplaatsen. Is dit een goede trend en wat betekent dit voor de eigen cultuur/stijl van een corso?”

Patrick vindt het wel een goede trend: “Ikzelf overweeg eigenlijk ook al om misschien voor volgend jaar ontwerpen te gaan inleveren in een andere corsoplaats.” Ivo vindt wel dat jeugdige plaatselijk ontwerpers voorrang moeten krijgen op ontwerpers van buitenaf. “Uiteraard moet het niveau van het corso wel gewaarborgd blijven.” Overigens vindt hij dat de bijdragen van Mark Muller (Boschkempers), Rudi Pierik en Guido Baten (Kwintet) een positieve bijdrage hebben geleverd aan het Lichtenvoordse corso. Ook Patrick geeft aan dat de bijdrage van Mark Muller, met zijn “abstracte” ontwerpen, veel te weeg heeft gebracht bij het corso in St. Jansklooster: “Doordat er verschillende ontwerpers uit andere corsoplaatsen komen zie je wel meer variatie in het corso. Elke ontwerper heeft zijn eigen stijl.”
next_2012
Ivo denkt ook niet dat het voor problemen betreft de identiteit zorgt: “Uitwisseling van ontwerpers is niet bij voorbaat slecht voor de eigen cultuur en stijl van het corso. In tegenstelling zelfs, ik denk dat iedere ontwerper zijn eigen ideeën en werkwijze heeft, hiervan kan elke groep weer de positieve onderdelen zich toe-eigenen. Je kunt van elkaar leren.” Robin is ook niet bang dat “eigen cultuur of stijl” in het gedrang komt. “Corso is al jaren in ontwikkeling en voor het publiek zal het niet uitmaken wie de ontwerper is (meestal weten ze dat niet eens). Het publiek komt met name voor een mooi corso en zal zich minder laten leiden door een cultuur of stijl (als deze überhaupt al door het publiek wordt geconstateerd).” Dirk denkt ook dat elke ontwerper een eigen invulling van een thema heeft en dat het weinig met identiteit/corsoplaats te maken heeft. “Vraag in je naaste omgeving 2 mensen om een tekening te maken bij een thema of trefwoord en je krijgt waarschijnlijk twee verschillende tekeningen.”
laarheide 2009
Ook de uitwisseling van kennis komt ter sprake. “Elk corso heeft zijn eigen stijl en bouwmanieren. Dus je kunt zeker leren van elkaar” aldus Dirk. Zijn buurtschap ging in 2009 een samenwerking aan met Glenn ter Haar. “Toen heeft de bouwgroep ontzettend veel geleerd, een nieuwe kijk op dingen en bijvoorbeeld je eigen plan trekken want de ontwerper kwam niet over vanuit Lichtenvoorde voor elk wissewasje.” Ook Robin heeft goede ervaringen met de kennisdelingen tussen Heeze en Valkenswaard. “Je kunt altijd leren van andere ziens- en denkwijzes. Een ontwerper uit een ander evenement of plaats heeft vaak andere ideeën, daar word je als buurtschap of vereniging alleen maar beter van. Over het algemeen zie je dat de betere ontwerpers in andere plaatsen gevraagd worden en dat komt dan het corso in de betreffende plaats weer ten goede.”

#4:

“De laatste twee maanden zijn er volop ontwerp onthullingen. Begint het bij jou alweer te kriebelen?”

Alle vier kennen ze het gevoel van “het hele jaar door corso”. Voor Dirk is dat al meer verleden tijd: “Toen ik in het bestuur zat was het het hele jaar door corso. Ook in de winterperiode, als alles stil lijkt te liggen, gaat het voor de bestuurstafel gewoon door.” Ivo probeert het hele jaar door overal waar hij is corso uit te dragen. “Het is een passie, die bij mij niet alleen leeft in het corsoseizoen.” Ook bij Patrick begon een week na het corso in Sint-Jansklooster het alweer te kriebelen. “Ik liep eigenlijk onder de bouw van de wagen alweer rond met ideeën die ik direct na het corso heb uitgewerkt.” Dit was ook nodig voor de ontwerper omdat hij in maand januari druk was met een maquette voor Kluitenberg en op dit moment druk aan het maquetteklussen is voor Wagenbouwersgroep Alliance.
CN2014hazestraat02
Ook Robin is betrokken bij het ontwerpproces en begon in oktober alweer met de Werkgroep Ontwerp bij buurtschap Hazestraat te brainstormen. “Dit proces loopt door tot en met begin januari. Eind januari wordt het ontwerp aan de buurtschap gepresenteerd. Daarna volgen al snel enkele overlegavonden met alle werkgroepen. Er wordt dan nagedacht over de techniek, constructie, figuratie, de bouw etc.”

Dit is ook het moment dat het bij Dirk begint te kriebelen. “Zo rond nieuwjaar bij het bekend worden van ontwerpen en de verkiezing of bekendmaking van het ontwerp van de eigen buurt.” Bij Hooiland willen ze de kriebels ook in de winter behouden. “We proberen jaarlijks diverse winterprojecten op te pakken zodat het blijft kriebelen.” vertelt Ivo.

Robin vertelt dat Hazestraat begin april al start met één bouwavond in de week. “En eind juni/begin juli zetten we meestal de tent.” Het tentzetten is ook voor Ivo een mijlpaal in het corsoseizoen: “Dan begint het pas echt weer! Heerlijk!” Zo ervaart Dirk het tegenwoordig ook als bouwer: “Dan zie je overal weer bedrijvigheid en weet je het weer: We gaan beginnen!”
lassen
De eerste kriebels beginnen bij Robin in oktober maar zegt hij. “Het hartje gaat pas echt sneller kloppen als de lasapparaten voor de eerste keer weer ronken.”

Ook meedoen?

Wil je in een volgende WVTTK ook meedoen? Neem dan contact met ons op via social media of per mail via info@corsonetwerk.nl.



Meer corsonetwerk Berichten